Riblap. Dit is het soort vlees dat je langzaam moet temmen. Eerst knetterhard dichtschroeien voor die korst, daarna laat je de slowcooker het vuile werk doen. Resultaat: boterzachte blokken stoofvlees waar je geen mes meer voor nodig hebt.

Ingrediënten (voor 2–3 personen)

  • 500/ 600 g riblap, in blokken van 2×2 cm
  • 2 el roomboter of rundervet
  • Zout (grof, naar smaak)
  • Optioneel: 100–150 ml runderbouillon voor extra jus

Bereiding

  1. Snijden – Snijd de riblap in grove blokken (±2×2 cm).
  2. Aanbraden – Verhit een gietijzeren pan, smelt de boter en schroei de blokken rondom bruin. Doe dit in porties zodat ze echt dichtschroeien.
  3. Overzetten – Leg het vlees in de slowcooker. Voeg het bakvet toe voor extra smaak.
  4. Vocht – Wil je pure vleessmaak? Laat het vlees garen in zijn eigen sappen. Wil je jus? Giet er een scheut bouillon bij.
  5. Slowcooken – Zet 6–8 uur op low voor stevige stoof, of 8–9 uur op low voor draadjesvlees dat uit elkaar valt.

Serveertips

  • Gewoon zo uit de pot, zonder gedoe.
  • Lekker met extra klont boter of merg erdoor geroerd.
  • Voor de echte diehards: schep het vlees in een kom en drink de jus als bouillon.

Mini FAQ

Moet ik het vlees eerst aanbraden?
Ja, dat geeft extra smaak en een betere structuur.

Moet ik bouillon toevoegen?
Nee, riblap geeft zelf genoeg vocht. Bouillon is alleen voor extra jus.

Kan dit ook met ander vlees?
Ja, sukade en runderwangen werken ook perfect.

Hoelang blijft dit goed?
In de koelkast 3 dagen, ingevroren tot 3 maanden.

Tabel: Slowcooker-tijden riblap

ResultaatTijd op lowTijd op high
Sappig, stevig6–7 uur3–4 uur
Mals8–9 uur4–5 uur
Draadjesvlees9+ uur5–6 uur